Al 76.471 huurwoningen verdwenen sinds Wet betaalbare huur

Sinds de invoering van de Wet betaalbare huur zijn 76.471 huurwoningen verkocht uit de particuliere verhuur, een aantal dat de overheid destijds als worstcase-scenario schetste. Dit artikel zet de actuele verkoopcijfers naast die oude prognose en onderzoekt welke factoren de verkoopgolf aandrijven.

Cijfers versus prognose

Sinds de Wet betaalbare huur op 1 juli 2024 van kracht werd, zijn volgens berekeningen van brancheorganisatie Vastgoed Belang op basis van Kadastercijfers 76.471 woningen uit de private huurmarkt verdwenen. Dat aantal ligt aanzienlijk dichter bij het worstcase-scenario van destijds minister Hugo de Jonge dan de overheid bij invoering van de wet had verwacht, meldde BNR. Alleen al in het tweede kwartaal van 2026 werden 9.930 woningen uitgepond, wat betekent dat ze werden verkocht vanuit de verhuur naar de koopmarkt. Dat is het hoogste aantal in een tweede kwartaal sinds het begin van deze metingen. Over de periode van het derde kwartaal van 2025 tot en met het tweede kwartaal van 2026 gaat het in totaal om 39.081 verkochte huurwoningen, blijkt uit Kadastercijfers.

In het tweede kwartaal van 2026 registreerde het Kadaster in totaal 77.000 woningtransacties, 4 procent meer dan een jaar eerder. Eigenaar-bewoners kochten daarvan 84 procent, ruim 64.000 woningen, een stijging van 5 procent ten opzichte van een jaar eerder. Investeerders die woningen kochten om te verhuren, waren verantwoordelijk voor circa 7.200 aankopen, ongeveer gelijk aan het jaar ervoor. Het aandeel van investeerders in de totale markt blijft daarmee stabiel, terwijl de uitstroom van bestaande huurwoningen naar de koopmarkt toeneemt.

Herkomst van het zwartste scenario

Het scenario van 160.000 huurwoningen minder in tien jaar was destijds door het ministerie onder leiding van Hugo de Jonge geformuleerd als worstcase-uitkomst bij invoering van de Wet betaalbare huur. Dit scenario ging ervan uit dat verhuurders massaal zouden besluiten te verkopen zodra de wet huurprijzen via een puntensysteem zou reguleren, en werd destijds als het meest pessimistische van de doorgerekende scenario's gepresenteerd. De huidige cijfers laten zien dat de daadwerkelijke uitstroom van huurwoningen dit scenario al ruim voor de beoogde termijn van tien jaar benadert.

Fiscale druk en regelgeving samen

De versnelling van de verkoopgolf wordt niet uitsluitend toegeschreven aan het puntensysteem van de Wet betaalbare huur. Uit het onderzoeksdossier komt naar voren dat een combinatie van fiscale en regulerende factoren verhuurders aanzet tot verkoop, waarbij de wet zelf als aanjager wordt genoemd naast de bredere druk op het rendement van verhuurd vastgoed. Concrete details over de exacte omvang van de fiscale component, zoals de wijze waarop box 3 hierin precies doorwerkt, zijn niet nader gespecificeerd in de beschikbare bronnen.

Gevolgen voor aanbod en investeerders

De uitstroom van 76.471 woningen uit de private huursector sinds medio 2024 raakt direct de omvang van het aanbod in de vrije en middenhuursector, het deel van de huurmarkt dat niet onder de sociale huur valt. Tegelijkertijd blijft het aankoopvolume van investeerders die woningen specifiek voor verhuur kopen, met circa 7.200 transacties in het tweede kwartaal van 2026, nagenoeg stabiel ten opzichte van een jaar eerder. Het aandeel van eigenaar-bewoners in de totale woningverkopen groeide in dezelfde periode naar 84 procent, tegenover een kleiner aandeel voor verhuurgerichte aankopen.

Samenhangend beeld

De cijfers over verkochte en uitgeponde huurwoningen laten een aanhoudende versnelling zien die de eerder geschetste worstcase-prognose van 160.000 minder huurwoningen in tien jaar dichterbij brengt dan bij invoering van de Wet betaalbare huur werd voorzien. Het aantal uitgeponde woningen bereikte in het tweede kwartaal van 2026 een niveau dat nog niet eerder in een tweede kwartaal is gemeten, terwijl het aandeel eigenaar-bewoners in de totale woningverkopen tegelijk toenam. De combinatie van deze bewegingen tekent een huurmarkt waarin de instroom van nieuwe huuraanbod via investeerders stabiel blijft, terwijl de uitstroom van bestaande huurwoningen naar de koopmarkt structureel versnelt.

Bronnen:

  1. Het Financieele Dagblad, "Obscure fiscale wet bezorgt familiebedrijven en ondernemers nachtmerries", 18 augustus 2026

  2. BonsenReuling, nieuwsbericht over Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2024, 15 juli 2026

  3. SRA, advieswijzer "Bedrijfsoverdracht van het familiebedrijf", 8 juni 2026

  4. Nextens, notitie over BOR en vastgoed, 16 juli 2026

  5. Jongbloed Fiscaal Juristen, bijdrage over BOR en verhuurd vastgoed, 9 juni 2026

  6. Jongbloed Fiscaal Juristen, artikel over vastgoed in privé of in de bv, 8 juli 2026

  7. Taxcount, artikel over doelmatigheidsmarge BOR, 3 augustus 2026

  8. Taxcount, overzicht BOR-vrijstelling 2026, 20 juli 2026

  9. Taxcount, vergelijking DSR en BOR, 3 augustus 2026

  10. Keulers Accountants, nieuwsbericht over afschaffing 5%-marge, 27 juli 2026

  11. Recht-zeker, "BOR en vastgoed in een BV: wanneer geldt de vrijstelling?", 24 juli 2026

  12. Twentse Familiebedrijven, artikel over uitsluiting verhuurd vastgoed, 8 juni 2026

  13. Elysee, artikel over materiële onderneming en BOR, 2 juli 2026

  14. Taxence, bespreking uitspraak Hof Arnhem-Leeuwarden, 22 mei 2026

Ontvang vrijblijvend informatie over de mogelijkheden

Ontvang de gratis gids met 13 alternatieven voor de lage bankrente, inclusief inzicht in rendement, zekerheid en risico*.

Gids aanvragen
Je dient akkoord te gaan met het privacybeleid.
{{uiState.feedback.brochureRequest.msgFeedback}}